De uitstorting van de Heilige Geest, het pinksterverhaal uit de jeugdbijbel van Nita Abbestee

 

1.

Alle dagen waren de twaalf apostelen in Jeruzalem bijeen. Zij verrichtten hun werkzaamheden nauwgezet en spraken met elkaar over de grote, verantwoordelijke taak die hun was opgedragen. Zij verlangden er vurig naar om aan het werk te gaan. Maar Jezus had hun gezegd Jeruzalem niet te verlaten, voordat God de Vader zijn belofte aan hen had vervuld. En daarop wachtten zij nu, vol hoop en geloof!

Kort na Jezus’ hemelvaart brak het pinksterfeest aan. Weer waren de twaalf vrienden bijeen in het huis waar zij zich meestal verzamelden. En terwijl zij bespraken op welke manier zij het grote werk zouden kunnen beginnen, klonk opeens een geluid als van een geweldige stormvlaag; een geluid dat het hele huis vervulde.

Pinksteren kindebijbel.002
2.

Het was alsof een helder vuur het grote vertrek verlichtte; alsof dat vuur zich in vlammen verdeelde en die vlammen op hen neerdaalden. Dit was het moment waarop de Vader zijn belofte vervulde en de Heilige Geest tot hen zond! Hun gehele wezen werd met zijn genezende kracht vervuld!

Genezende kracht? Ja, genezende kracht! Het woord ‘heiligen’ betekent ‘heel maken’ of ‘genezen’. En in deze mannen, die zo vastbesloten het werk van Jezus de Heer wilden voortzetten, ruimde die kracht alle belemmerende eigenschappen op; de kleine kring van hun bewustzijn werd doorbroken en zo kwamen alle gaven die zij voor hun werk nodig hadden in hen vrij.

Zo gebeurde het dat in het uur dat zij allen duidelijk hun eigen aandeel in het machtige werk herkenden. Ieder van deze twaalf ontving die kennis en die wijsheid, die hij nodig had  om een bepaalde groep van de verdwaalde kinderen van God te kunnen helpen.

3.

Wij lezen in de bijbel dat zij plotseling in andere talen konden spreken. Nu moet je niet denken dat zij plotseling Frans, Duits, Engels, Spaans, Italiaans, Zweeds of nog een andere taal konden spreken. Nee, daarmee wordt bedoeld dat zij van binnenuit, vanuit hun levende, werkzame nieuwe ziel wisten, hoe en met welke woorden zij alle verschillende mensen moesten vertellen over het koninkrijk van God en de weg daarheen. Sommigen konden alleen heel eenvoudige woorden begrijpen; anderen konden alleen dat verstaan wat tot hun hart sprak; en weer anderen alleen dat, wat tot hun verstand sprak.

Zo bestaan er vele soorten mensen die allen op hun eigen manier verlangen naar het Vaderland, en die allen op een andere wijze moeten worden geholpen. En dat vermogen om zo te helpen, hadden de apostelen door de Heilige Geest ontvangen! Van al die zo heel verschillende mensen die in Jeruzalem woonden, ontdekten er velen nog diezelfde dag dat zij opeens konden begrijpen, ja, duidelijk konden verstaan waarover de discipelen spraken. ‘Want een ieder hoorde hen in hun eigen taal spreken!’ zo staat er in de bijbel geschreven. En zij verbaasden en verwonderden zich. Want zij wisten allemaal dat die twaalf mannen toch maar eenvoudige Galilese mannen waren. Hoe kwamen die dan aan al die kennis en wijsheid?

De twaalf mannen zelf echter waren misschien nog wel het meest verbaasd. Maar ook heel verheugd en dankbaar! Want de Vader had zijn belofte vervuld: Jezus Christus had hen aan zijn Vader voorgesteld als dragers van zijn liefdeleer. En door het ontvangen van de Heilge Geest wisten zij, dat de Vader hen had aanvaard!

4.

Hun harten vloeiden over van liefde voor al die mensenkinderen om hen heen. Zij waren vol verlangen om hen te helpen.

5.
Natuurlijk waren er ook ongelovigen die de spot dreven met de woorden van de apostelen.
Ja, zij riepen spottend, dat deze mensen dronken waren.

Pinksteren kindebijbel.005
6.

Maar Petrus stond op, en toen allen zwegen en vol verwachting naar hem keken, begon hij tot hen te spreken . ‘Nee,’ zei hij, ‘deze mannen zijn niet dronken. God heeft zijn belofte aan hen vervuld! U weet dat heel lang geleden de profeten al spraken van de komst en het verlossingswerk van de Christus in deze wereld. U hebt al zijn tekenen en wonderen gezien en gehoord; u weet van het heil dat hij onder de mensen verrichtte. En toch hebt u niet verhinderd dat hij vervolgd en gekruisigd werd! Maar God onze Vader heeft hem van de dood verlost en hem opgewekt voor het eeuwige leven, zodat niemand hem nog enig leed kan aandoen!

Hij was de zoon van God, die reeds leefde en zijn verlossingswerk voorbereidde toen koning David nog op deze wereld was. Zelfs koning David wist dat Jezus op aarde zou komen. Hij wist van zijn werk, zijn opstanding, zijn plaats in het al-gebeuren, als zoon van God. En nu Jezus Christus is teruggekeerd tot zijn Vader en de Heilige Geest hem ter beschikking is gesteld, heeft hij van die Heilige Geest aan deze mannen gezonden. Opdat zij tot u kunnen spreken, u van dit heil kunnen vertellen, zoals u nu gehoord hebt! U moet dit weten om te begrijpen dat wij, kleine mensen van deze wereld, nooit dat grote, machtige verlossingswerk kunnen verhinderen! Ook moet u weten dat God de Vader eenmaal gezegd heeft, dat Hij zijn heilige, genezende kracht schenken wil aan allen die ernaar verlangen om tot hem terug te keren.

Aan ouderen en jongeren, aan rijken en armen, aan mannen en vrouwen, ja, aan ieder mens die in zuiver verlangen de naam van de Heer zal aanroepen, zal Hij zijn Heilige Geest geven, zodat allen behouden blijven en de weg tot het Koninkrijk zullen vinden.’

7.

Velen die rond Petrus stonden, waren door deze woorden tot diep in hun hart getroffen, tot in dat kostbare oer-atoom, de goddelijke vonk. En ze vroegen aan Petrus en de overige apostelen: ‘Wat moeten wij doen?’

8.

En Petrus antwoordde: ‘Keer u om op uw wegen laat u dopen in de naam van Jezus Christus. Dan zal eerst uw hart en daarna uw gehele microkosmos worden gereinigd. Daarop zult u de Heilige Geest ontvangen die u volkomen zal genezen van uw belemmeringen. Alle oorspronkelijke goddelijke gaven zullen dan in u ontwaken! Deze belofte is gegeven voor u allen, voor uw kinderen en voor nog velen die nog verre zijn, maar zeker zullen komen! Ja, voor allen, die de stem van God in het hart zullen verstaan!

9.

Toen kwamen heel veel mensen naar Petrus en de overige apostelen toe om zich te laten dopen. En op diezelfde Pinksterfeestdag werden ongeveer drieduizend zielen toegevoegd in de rijen van hen die huiswaarts keerden!

Bron: Jeugdbijbel van Nita Abbestee

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *