Fragmenten uit het boek ‘Mysteriën en symbolen van de ziel’

Medio september verscheen 2016 verscheen het boek Mysteriën van de ziel – een door de geest bezielde mens worden van André de Boer. Hieronder volgen fragmenten uit de eerste negen hoofdstukken

 

1 zon1. Leven vanuit eenheid

De structuur van de levende ervaring van de mens is universeel, zoals ook de anatomie van het menselijk lichaam bij de mensen hetzelfde is, maar het vereist een zekere scholing om toegang te krijgen tot die levende ervaring. In dit boek ‘Mysteriën en symbolen van de ziel’ verkennen we het aspect van onszelf dat bekend staat als ziel, Zelf, innerlijke mens, en bewustzijn. Die ziel is een mysterie voor ons gewone verstand. Zij is geen object en geen subject, maar kan wel worden ervaren. Zij heeft geen vorm en stijgt ver uit buiten ruimte en tijd, maar kan wel in ons groeien.

Als we de begrippen bewustzijn en ziel aan elkaar verbinden, bedoelen we in feite jezelf bewust zijn van je bewustzijn, iets dat kenmerkend is voor de mens. Het is goed om dat te beseffen, want volgens het spirituele uitgangspunt ligt bewustzijn ten grondslag aan alles wat zich manifesteert. In een bekend soefi-gezegde wordt dat idee geformuleerd als ‘God slaapt in de rots, droomt in de plant, beweegt in het dier en ontwaakt in de mens’.

We kunnen de levende ervaring van de ziel alleen maar benoemen en begrijpen aan de hand van universele symbolen, analogieën en mythen, die allemaal deel uitmaken van de ervaringswereld van de ziel. Ons rationele denkvermogen is een groot geschenk dat we hard nodig hebben om in de zintuiglijk waarneembare wereld te kunnen leven. Het is echter niet de bedoeling dat we daarbij blijven staan of ons uitsluitend in die richting verder ontwikkelen.

 

2 boot2. Ontstijgen aan dualiteiten

Het heilige onthult zich in niet alleen heilige geschriften, maar ook in de natuur en in de mens. De klassieke rozenkruisers uit de 17e eeuw spraken in dit verband over respectievelijk het boek T (van theos=god of testamentum=verbond), het boek M (van mundi=wereld) en het boek H (van homo=mens). De mens is in staat om al die drie boeken te lezen, dat wil zeggen door te dringen tot diepere werkelijkheden, tot andere dimensies van de levende ervaring, om zo zijn innerlijke opdracht te kunnen vervullen.

In het verleden is veel narigheid ontstaan doordat heilige teksten uit hun context werden gehaald, werden geobjectiveerd en letterlijk werden geïnterpreteerd. Nog steeds heeft de mensheid te kampen met grote problemen die voortvloeien uit fundamentalisme en fanatisme op pseudo-religieus gebied. Gelukkig leidt fundamentalisme, dat is het letterlijk nemen van heilige teksten, lang niet altijd direct tot maatschappelijke moeilijkheden, maar het kan er wel aan bijdragen dat de ziel wordt ingekapseld en zich daardoor moeilijker kan manifesteren en ontwikkelen.

Om vergissingen bij de interpretatie van heilige teksten te voorkomen is het zinvol om duidingen niet alleen te toetsen aan het eigen innerlijk, maar vooral ook aan een authentieke spirituele traditie of, nog beter, aan meerdere spirituele tradities. Want binnen die kringen werd en wordt gebruik gemaakt van beproefde werkwijzen, en zijn ervaringen en bevindingen uitgebreid met elkaar gedeeld en vaak ook op schrift gesteld.

 

3 kaarsvlam3. De drie graden van de ziel verbinden

De advaita vedanta traditie, een filosofisch-religieuze stroming binnen het hindoeïsme, benadrukt dat de mens tot werkelijke zelfkennis kan komen door gewaarzijn. Van oudsher staat die beoefening bekend als raja yoga, waarvan Patanjali als de grondlegger wordt beschouwd vanwege zijn standaardwerk met de naam ‘Yoga Sutra’s’. Die vorm van yoga heeft niet zoveel te maken met wat men daar in het westen gewoonlijk onder verstaat en hatha yoga wordt genoemd. Bij raja yoga gaat het niet primair om lichamelijke oefeningen. Yoga betekent eenwording en verwijst als zodanig naar eenwording tussen het lagere en het hogere, tussen het aardse en het hemelse.

Die spirituele eenwording vinden we ook terug in de kabbalah, een mystieke traditie binnen het jodendom. De kabbalah hecht waarde aan de studie van de drie graden van de ziel. In het belangrijkste boek van de kabbalah, de Zohar, lezen we: ‘De studie van de drie graden van de ziel schenkt enig inzicht in de hogere wijsheid; en op deze manier kan alleen de wijsheid een aantal mysteriën met elkaar verbinden.’

Studie maken van de ziel is niet in tegenspraak met gewaarzijn. Zij kunnen elkaar zelfs versterken. Zo kan studie richting geven aan belevingen, onderscheidingsvermogen bevorderen en mentale energieën assimileren en dynamiseren. Omgekeerd kunnen belevingen uitnodigen tot studie van de ziel om deze te verdiepen en een plek te geven.

 

4 parel4. Ontwikkelen in de vier werelden

Om menselijke microkosmoi de gelegenheid te bieden zich grootser te openbaren, ligt in het scheppingsplan besloten dat zij een lange ervaringsweg kunnen gaan door eerst van de hemelse gebieden af te dalen tot op de aarde en daarvandaan na talloze ervaringen op te stijgen naar hemelse regionen.

Die processen van afdalen en opstijgen worden in de esoterie involutie en evolutie genoemd, en deze spelen zich voor het grootste deel buiten tijd en ruimte af. Involutie is het zich inwikkelen in fijnstoffelijke en grofstoffelijke materie en evolutie heeft volgens deze opvatting te maken met het zich bevrijden van grofstoffelijke en fijnstoffelijke materie. Het woord ‘evolutie‘ wordt hier dus in een heel andere betekenis gebruikt dan in de ‘wetenschappelijke’ evolutieleer waar Charles Darwin de grondslag voor heeft gelegd en die zich beperkt tot het biologische aspect van organismen.

Met afdalen of involutie bedoelen we hier: in frequentie afnemen en vormen aannemen die meer materieel van aard zijn. En onder opstijgen of evolutie verstaan we het op basis van groeiend bewustzijn verlaten van materiële vormen en daardoor in frequentie toenemen. De involutie voltrekt zich min of meer automatisch aan de mens. De genoemde evolutie vereist van een de mens een bewuste inspanning. Ter vergelijking: op een lange glijbaan naar beneden glijden gaat vrijwel vanzelf, maar diezelfde glijbaan opklimmen kan alleen met een krachtig lichaam, geconcentreerde aandacht en een aanzienlijke krachtsinspanning.

 

5 denker5. De vijf denktoestanden besturen

Het innerlijk vrij komen van gehechtheden is een behoorlijke worsteling. Als je in je hart aangeraakt bent door het geestelijke licht, dus als de slapende geestvonk begint te ontwaken, gaat dat gepaard met een enorme vreugde. Je weet dan waarom je leeft en wat je te doen staat omdat er sprake is van een innerlijk herkennen. Het gevoel heeft wel iets weg van verliefdheid: er is een ander in je leven gekomen voor wie je heel veel voelt en bij wie je heel graag wilt zijn. In dit geval gaat het niet om een persoon buiten je, maar om een persoon in wording binnenin je, de innerlijke mens.

Je kunt ervan verzekerd zijn dat dat heerlijke gevoel na kortere of langere tijd voorbij gaat en zelfs in zijn tegendeel kan verkeren. Vreugde, zekerheid en hoop maken dan plaats voor verdriet, twijfel en misschien ook wel wanhoop. Dat is begrijpelijk, want als het geestelijke licht sterker in je gaat schijnen, word je je pijnlijk bewust van minder mooie kanten van jezelf, waar je nog niet eerder zo sterk mee werd geconfronteerd.

Dan vinden er in je leven allerlei ontwikkelingen plaats waarin thema’s en vraagstukken besloten liggen die jij hebt op te lossen, ze brengen je naar de ‘plekken der moeite’ om dat wat je vasthoudt of in de weg zit los te laten of om te buigen. Dit is een vast gegeven dat je kunt herkennen in allerlei verhalen en mythen.

 

6 universum6. Vernieuwen door de zes emanaties

Als je de gnostieke spirituele weg bewandelt, wordt er niet van je verwacht dat je zo wordt als Ashtavakra, als Hermes, als Abram of als Patanjali. Dan wordt er van je verwacht dat je met glans jezelf bent, met de glans van de ziel wel te verstaan. Het heeft op de spirituele weg geen zin om anderen te imiteren of hun gedrag te kopiëren. Het boekje ‘De stem van de stilte’ formuleert dat als: ‘De leraar kan slechts de weg wijzen. Het pad is één voor allen, de middelen om het doel te bereiken moeten per pelgrim verschillen’ (III:2).

Je bent uniek en je bent geboren om in dit aardse leven je uniciteit gestalte te geven, eerst in je persoonlijkheidsziel en als je er rijp voor bent daarna ook in achtereenvolgens de ziel en de geestziel. Dat proces van individuele vernieuwing door herschepping wordt in het lied van de parel aangeduid als het ophalen van de glanzende parel uit Egypte.

Jouw uniciteit vloeit ten eerste voort uit de unieke geestvonk van de microkosmos die je bewoont. Ten tweede word je bepaald door de ervaringen die vorige bewoners van de microkosmos hebben opgedaan, en die worden aangeduid als karma. Ten derde is er de invloed van je genen die je van je ouders hebt geërfd, en die wel wordt aangeduid met het Engelse woord nature. En ten vierde is er de invloed van je persoonlijke historie, van dat waarmee je in je leven in de meest brede zin van het woord gevoed bent: nurture.

 

7 poort7. De zeven gouden sleutels hanteren

Waarom zou je eigenlijk een moeizame spirituele weg willen gaan die uiteindelijk alles van je vraagt? Om vrij te komen van het aardse tranendal? Om bevrijd te worden van het wiel van geboorte en dood? Om als druppel terug te glijden in de oceaan? Om voor altijd op te kunnen gaan in hemelse gelukzaligheid? Dat zijn allemaal legitieme redenen. Wijsheidsleraren raden aan om te handelen zonder gehecht te zijn aan de resultaten daarvan. De beoefening van die karma-yoga is niet alleen van belang om de bevrijding te bereiken, maar zeer zeker ook voor daarna.

Wanneer bij een mens de persoonlijkheidsziel, de ziel en de geestziel met elkaar zijn verbonden, is hij bevrijd en hoeft hij na de dood van het fysieke lichaam niet meer te incarneren op aarde omdat er een onsterfelijke persoonlijkheidsziel is ontstaan. Wanneer zo’n mens sterft blijven de drie ijlere aanzichten van de viervoudige persoonlijkheidsziel – het etherlichaam, het astrale lichaam en het mentale lichaam – intact en worden niet meer ontbonden zoals dat wel het geval is bij overledenen die niet getransfigureerd zijn. Dan kan de bevrijde gestorvene ervoor kiezen om blijvend te genieten van het grote geluk dat hem ten deel valt. Als hij dat doet is hij volgens ‘De stem van de stilte’ een pratyeka-boeddha.

Hij kan er echter ook voor kiezen om af te zien van de hemelse gelukzaligheid en vanuit de hemelse sferen de mensheid bij te staan of vrijwillig weer te incarneren op aarde om de ploeterende mensheid te stuwen tot geestelijke bewustwording en vernieuwing. Een bevrijde ziel die vrijwillige incarneert op aarde wordt een bodhisattva genoemd.

 

8 boeddha8. Het achtvoudige pad uitdragen

Stichters van mysteriescholen maken soms gebruik van filosofieën van voorgangers of van tijdgenoten om te kunnen aansluiten bij mysterieleerlingen, maar zij zijn daar principieel niet afhankelijk van omdat zij op oorspronkelijke wijze kunnen scheppen. De geestziel is immers in hen werkzaam. Zij leven vanuit de wereld van de ziel en de geestziel en zijn daardoor in staat om uit eerste hand uit die bronnen te putten.

Natuurlijk is het essentieel dat een stichter van een mysterieschool, en iedere andere dienaar binnen een mysterieschool, de leer die hij uitdraagt zelf voorleeft. Niet vanuit het navolgen van regeltjes, maar vanuit een vernieuwde zijnstoestand. Dat is een voorwaarde om een groep mysterieleerlingen te verzamelen die de spirituele weg gezamenlijk kunnen gaan dankzij de bevrijdende krachtwerkzaamheid die uitgaat van de stichter en de leer.

Hierin herkennen we de drie juwelen van wijsheid uit het boeddhisme waartoe de leerling zijn toevlucht kan nemen: de boeddha (de ontsteker van het licht), de dharma (de leer) en de sangha (de gemeenschap van leerlingen). Dit is een universele structuur die we zien bij alle mysteriescholen zoals die van Boeddha, Pythagoras, Socrates en Jezus.

 

9 sinaasappels9. Werken met de negen geestelijke gaven

Beschouwingen, verklaringen en toelichtingen zijn allemaal prima, maar we mogen niet vergeten dat niet alles uitgelegd kan worden, want dat is nu juist precies het kenmerk van de mysteriën. Mysterieleerlingen komen tot innerlijk weten op basis van levende ervaringen.

In de negen beschouwingen hebben we pogingen gedaan om vanuit de meer dan vierhonderd jaar oude levende traditie van het rozenkruis de weg van geestziele-ontwikkeling die je kunt gaan te verhelderen aan de hand van negen klassieke spirituele teksten uit uiteenlopende spirituele tradities.

We hopen dat de teksten over de mysteriën van de ziel eraan hebben bijgedragen dat je innerlijke lamp ontstoken is of ontstoken zal worden zodat je een door de geest bezielde persoon wordt en blijft. En als je nieuwe zielevlam brandt, hebben we nog het volgende raad voor je: houd je lamp brandende en zorg voor voldoende olie!

BESTEL ‘MYSTERIËN EN SYMBOLEN VAN DE ZIEL’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *