De dertien heilige nachten: beschouwingen en meditatiespreuken van Ronald van Vliet voor de kerstperiode

We gaan nu de dertien heilige nachten afzonderlijk onderzoeken en bespreken. Het blijkt dat de twaalf (dertien) heilige nachten van 24-25 december tot en met 5-6 januari in verband te brengen zijn met de komende twaalf astrologische maanden van het volgende jaar.

De meditatiespreuk kan op de avond voor de heilige nacht bij het inslapen worden uitgesproken en na de heilige nacht de kernen van de meditatie vormen om de in de ziel gelegde kiem tot bewustzijn te brengen. In die meditatie kunnen ook de mogelijke droombeelden, inspiraties intuïties en de sfeer van de nacht terug herinnerd worden en daarmee tot bewustzijn worden gebracht. Dit kan een profetisch beeld geven hoe de betreffende maand, gezien vanuit de geestelijke ontwikkeling, voor jou zou kunnen verlopen.

Citaten spirituele pasen en spirituele pinksteren.001

KLIK HIER VOOR SPIRITUELE KERST

1. 24 op 25 december: fysiek lichaam

Door de boeddhisme Christusimpuls wordt het licht in het aardeduister geboren. Doordat de ziel verenigd is met het lichaam, kan de gehechtheid aan het lichaam en daarmee de ziele-duisternis ontstaan. De vereniging van de ziel met het lichaam is het sterkst met midwinter.

Het nathaanse Jezuskind wordt als het wezen van paradijselijke onschuld lichamelijk geboren als belofte dat de verduistering van het materialisme overwonnen kan worden. De hoogte werkt in de diepte door om deze duisternis te verlichten.

De boeddhische Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht aan de mens in de diepten van de ziel die met lichaam verenigd is, de geboorte van het Christuslicht. Het gehele jaar, maar in de astrologische maand van de Steenbok (21 december – 20 januari, de periode waarin de heilige nachten vallen) in het bijzonder, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht.

Meditatiespreuk: ‘Het licht schijnt in de duisternis.’

2. 25 op 26 december: etherisch lichaam

De boeddhische Christusimpuls werkt tijdens deze heilige nacht door tot in het etherlichaam. Er is een herinnering aan al het wereldleed van het afgelopen jaar. De geboorte van het Christuslicht in de ziel werkt deze nacht door tot in het etherlichaam, waardoor een milde stemming ontstaat van medelijden om het wereldleed te kunnen dragen. Ook gaat er een schenkende geneeskrachtige werking van deze invloed uit. Het hele jaar maar in de astrologische maand van de Waterman (21 januari – 20 februari) in het bijzonder, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht.

Meditatiespreuk: ‘In Christus draag ik het Wereldleed tot zijn genezing.’

3. 26 op 27 december

De boeddhische Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht aan het astraallichaam de eigenlijke kracht van de vrede, zodat licht en duisternis in de ziel en daarmee ook in het gehele universum met elkaar verzoend kunnen worden. Het hele jaar, maar in de astrologische maand van de Vissen (21 februari – 20 maart) in het bijzonder, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht.

Meditatiespreuk: ‘Christus is de verzoenende kracht van de wereldkosmos.’

4. 27 op 28 december: Ik (gewaarwordingsziel, verstands-gemoedsziel en bewustzijnsziel)

De boeddhische Christusimpuls geeft in deze heilige nacht aan het Ik van de mens de mogelijkheid om zelfstandig en innerlijk vrij te worden van de oorzaken van het lijden (in de gewaarwordingsziel wordt het lijden ondervonden en het verlangen gewekt hiervan vrij te kunnen worden).

Aan de wortel van het Ik wordt de mogelijkheid gelegd het achtvoudige pad van de Boeddha uit eigen kracht te vinden, te doordenken en te gaan (verstands-gemoedsziel). Doordat het microkosmische Ik Ben de mens aanraakt, kan de mens in zichzelf het Ik-Ben beleven (bewustzijnsziel).

Het hele jaar, maar in het bijzonder in de astrologische maand van Ram (21 maart – 20 april), waarin de actuele vernieuwende aanraking van het microkosmische Ik-Ben-Wezen met Pasen gegeven wordt en de Nieuwe Mens in de Oude Mens kan opstaan, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht.

Meditatiespreuk: ‘Als Ik ben, ben ik in Christus vrij.’

5. 28 op 29 december: Angeloi in de Geestzelf-ontwikkeling

De boeddhisch-dionysische Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht aan de mens de actuele kiem van de Angeloi. Die Christus met midzomer zoroastrisch-apollonisch ontvangen heeft, om de hogere Manas of Geestzelf-ontwikkeling mogelijk te maken.

De Angeloi, Engelen of Zonen van de Schemering zijn de mens behulpzaam bij de innerlijke ontwikkeling en gegeven imaginaties, inspiraties en intuïties. Als de mens door middel van gebed of meditatie de verbinding met zijn hoger Zelf zoekt. Ook geven zij het bewustzijn. Wat de reden zou kunnen zijn voor het karma dat de mens treffen kan.

Meditatiespreuk: ‘Door de engelen kan mijn karma vrucht dragen, doordat mijn ziel wijsheid wordt.’

6. 29 op 30 december: Archangeloi in de Geestzelf-ontwikkeling

De boeddhische Christusimpuls schenkt in deze heilige nacht de actuele kiem van de Angeloi in de mens om een hogere octaaf van de Manas- of Geestzelf-ontwikkeling mogelijk te maken.

Manas is de vergeestelijking van het astraallichaam tot geïndividualiseerde levende wijsheid. De  Archangeloi, Aartsengelen of Vuurgeesten werken in de geestelijke verbindingen tussen mensen onderling die zich willen verbinden met de geestelijk- goddelijke wereld. Archangeloi zijn de goddelijke inspiratoren van een volk of van een geestelijke gemeenschap.

Christus als het microkosmische Ik-Ben-wezen, werkt niet in een gemeenschap, maar in ieder individu, om van daaruit liefde mogelijk te maken. Daarom is het onjuist te zeggen dat je Christus pas kunt vinden als je je aansluit bij een kerkgemeenschap. Wel is het zo dat in een geestelijke gemeenschap met de juiste geestelijk-morele intentie een Aartsengelwezen kan werken dat de participanten kan inspireren. Hierdoor wordt een gemeenschappelijke sfeer van wijsheid tot bloei gebracht.

Meditatiespreuk: ‘De aartsengelen leren mij door wijsheid gemeenschapsvorming.’

7. 30 op 31 december: Archaïsche in de Geestzelf-ontwikkeling

De boeddhische Christusimpuls schenkt in deze nacht de actuele kiem van de Archai om een nog hoger octaaf van de Geestzelf- os Manasontwikkeling in de mens mogelijk te maken.

De Archai, de Overheden (in de taal van Paulus) of Geesten van de Persoonlijkheid zijn de inauguratoren van de grote beschavingen op aarde: van de zeven cultuurperioden van het na-Atlantische tijdvak. Doordat de mens over het algemeen ten minste een vrouwelijke en een mannelijke incarnatie heeft in ieder van deze cultuurperioden, kan hij de hoog cultureel-geestelijke wijsheidskrachten van de Archai in zich opnemen en verwerken.

Wat voor betekenis heeft het niet voor de algehele ontwikkeling van de menselijke individualiteit als hij in een Griekse of Egyptische incarnatie de filosofie of de mythologie in zich heeft kunnen opnemen? Na de dood begeleiden de Archai de mens in hun woonoord: de hemelse Venussfeer, en met hen wordt uitgewerkt wat de mens op aarde in zich heeft kunnen opnemen aan geestkrachten van de beschaving en aan religiositeit in verschillende cultuurvormen.

De boeddhische Christusimpuls schenkt de mens tijdens deze heilige nacht de Manaskiem van de Archai waardoor de mogelijkheid vrijkomt om de religieuze impuls van onze cultuurperiode uit de geestelijk-goddelijke wereld te ontvangen, die een sprong naar een andere ontwikkeling van de mens mogelijk maakt.

Michael is als Aartsengel van onze tijd op een hoger ontwikkelingsniveau gekomen en is de Tijdgeest of Arche in de vijfde na-Atlantische cultuurperiode van de bewustzijnsziel geworden. Hij begeleidt de mens om op eigen initiatief en denkkracht toegang te vinden tot de geestelijke wereld.

Dat is de religieuze impuls van onze tijd, waarvan de geesteswetenschap eveneens de uitdrukking is. Ook de mogelijkheid om door innerlijke ontwikkeling de in de etherwerkingen geopenbaarde Christus te schouwen, door bemiddeling van Michael, hoort bij de religieuze impuls van onze beschaving. Het is de kiem van de Archai of de Tijdgeesten die door de boeddhische Christusimpuls in deze heilige nacht aan de ziel wordt geschonken.

De nacht gaat over in Oudejaarsdag, waarop je terugschouwt naar de kwalitatieve waarde van het afgelopen jaar. Het hele jaar, maar in de maand van de Kreeft (21 juni – 20 juli) in het bijzonder, kan deze impuls doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht. In de astrologische maand van Kreeft wordt ook het Johannesfeest gevierd om de religieuze impulsen van de zoroastrische Christusimpuls uit de hoogte te kunnen ontvangen en te beleven.

Meditatiespreuk: ‘Door de Archai is mijn ziel door de geschiedenis van culturen verrijkt en vergeestelijkt.’

8. 31 december op 1 januari: Exousiai in de Levensgewst-ontwikkeling

De boeddhische Christusimpuls schenkt aan de mens in deze nacht de actuele kiem van de Exousiai, die Christus met midzomer zoroastrisch-apollinisch ontvangen heeft, om de Levensgeest- of Boeddhi-ontwikkeling mogelijk te maken. Boeddhi is de vergeestelijking van het etherlichaam in het belvn van kunst, liefde en scheppende wijsheid.

De Exousiai, de Elohim, de Machten of de Geest van de Vorm hebben wereld en mensheid geschapen. Zij zijn de scheppende geesten pur sang, staan in de scheppende kracht en zien pas achteraf of het goed was. Zij scheppen uit het niets (van het bekende) met de oerbeelden van de oermaterie: ‘De Geest zweefde over de wateren’.

Doordat de zeven Elohim zich verenigden met de Logos, waren zij tot de schepping van wereld en mensheid in staat. Na de dood begeleiden de Elohim de mens in hun woonoord: de hemelse zonnesfeer. Hier is Christus alleen als beeld te schouwen, want er staat een lege troon, omdat Hij de Heer van de Aarde is geworden.

De Elohim onderzoeken met de mens of die tijdens zijn leven in staat was verder te komen dan de religieuze impulsen die van de particuliere gemeenschappen van mensen te beleven waren. Zij onderzoeken of de mens in staat was een bewustzijn voor de hele mensheid en de hele aarde tot stand te brengen.

In religieuze gemeenschappen kan nog steeds een vorm van groepsegoïsme werken als er niet tegelijkertijd een werkelijke liefde voor de hele mensheid en de hele aarde tot bloei komt. Ook het onderscheid naar volk en ras, die door de gevallen Dynamis of achtergebleven Exousiai zijn gevormd, moet geheel wegvallen in de liefde voor de hele mensheid.

Daarom hoort in diepste wezen Christus ook niet tot het christendom als de verzameling van een aantal religieuze gemeenschappen, maar tot de hele mensheid. Het christendom geeft de mens de gelegenheid de Christusimpuls in zich op te nemen door de menswording, dood en opstanding van Christus Jezus te begrijpen.

Maar de Christusimpuls is niet alleen werkzaam in de culturele vormen van het christendom, maar vooral ook voor de hele mensheid en de hele aarde.

De boeddhische Christusimpuls schenkt aan de mens tijdens deze heilige nacht de Boeddhi-kiem van de Elohim om het etherlichaam te kunnen vergeestelijken in de liefde die ee mensheid omvat in de scheppende kracht van het beleven en tot stand brengen van kunst.

Kunst werkt in beeldtaal van het wezenlijk verborgene dat zich in een vorm openbaart, dieper in op de mens: het zijn wekkende krachten die op het etherlichaam of het onbewuste van de mens inwerken.

Ook waar de mens zelf vormend werkt, schept en experimenterend het beeldmateriaal onderzoekt en herschept om het wezen tot vorm te brengen, ontstaat het gevoelsmatig beleven van de innerlijke vrijheid in de zelf voortgebrachte stroom van creatie en dit is een vergeestelijking in het gebied van de levenskrachten van de mens. Ook het zelf voortbrengen van idealen uit de geest, uit het niets van het bekende en het hieruit leven, brengt de Levensgeest voort.

In het hele jaar, maar in de astrologische maand van Leeuw (21 juli – 20 augustus) in het bijzonder, kan de Boeddhi-kiem van de Elohim doorwerken en door de mens tot bloei worden gebracht.

Meditatiespreuk: ‘Door de Elohim kan ik in liefde voor de mensheid scheppen uit het niets.’

Toelichtingen op de resterende Heilige nachten zijn te lezen in het boek

Bron: ‘Wie denken de mensen dat ik ben’ van Ronald van Vliet

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *