De historische Christus, de kosmische Christus en de mystieke Christus zijn volgens Peter Deunov (Beinsa Douno) incarnaties van de Liefde

Wanneer ik over Christus spreek, bedoel ik niet een abstract principe, maar meer een feitelijke incarnatie van de Liefde. De liefde is de grootste realiteit en niet een abstractie. Zij heeft vorm, inhoud en betekenis.

Christus – welk idee de mensen ook over hem hebben als ‘historisch’, als ‘kosmisch’, als ‘mystiek’ – gaf aan de aarde de meest volledige expressie van de Liefde.

Dat is zo omdat, Christus als een historische persoonlijkheid, als een kosmische essentie en als een mystieke ervaring, de meest volmaakte uitdrukking is en blijft van de Liefde. Werkelijk, voor Christus was er niet eerder een mens op aarde die een grotere Liefde had dan Hij.

Er is noch in de kosmos buiten ons, noch in de mystieke diepten van de ziel in ons, een vollediger expressie van de Liefde dan dat wat we in Christus verpersoonlijkt zien. Hoe moeten we daarom de woorden ‘historisch’, ‘kosmisch’ en ‘mystiek’ begrijpen?

Christus heeft zich op een bepaald historisch moment op aarde gemanifesteerd als de ideale mens, een voorbeeld van de ware mens, en daarom is Christus ‘historisch’. En de tijden waarin hij leefde, vermelden Hem en getuigen van Hem: ‘Ziedaar de mens! Ziedaar de mens in wie de Liefde, de Wijsheid en de Waarheid leven en die ze verwerkelijkt.’

Wanneer Christus ervaren wordt in de innerlijke diepten, is hij ‘mystiek’ en wanneer hij begrepen en gekend wordt als God, die zich in de wereld manifesteert, is hij ‘kosmisch’.

De fysieke kant van Christus is de hele mensheid verenigd in één lichaam. Alle menselijke zielen waarin Christus leeft, verenigd in één, dat is het fysieke aspect van Christus. Alle engelen, verzameld in het hart van Christus, vertegenwoordigen zijn spirituele aspect. En alle goddelijke wezens, verenigd in de geest van Christus, zijn zijn goddelijk aspect. Dit is de ‘kosmische’ Christus, God die zich in de wereld manifesteert.

Daarom ziet de mysticus Christus overal – als de grote Broeder van de mensheid, het archetype van de mens, de Eerst Geborene in de wereld, het begin van het menselijke ras, het begin van de menselijke evolutie. De Eerst Geborene die alle goddelijke deugden ontwikkeld en gemanifesteerd heeft, en die alle goddelijke wetten heeft toegepast.

De mysticus ziet Christus als de Eerst Geborene die iedere beproeving doorstaan heeft en alles voor zijn broeders heeft opgeofferd. Bergen, akkers, rivieren en zeeën, met al de natuurlijke rijkdom daarin verborgen – dat is allemaal een expressie van deze Grote Broeder.

Maar dit is een groot mysterie, om dit te begrijpen zijn duizenden jaren van een voortdurend streven naar inzicht nodig. Men moet daarom Christus in zijn veelomvattendheid zien. Hij is Eén, hoewel de mensen hem soms als ‘historisch’ , soms als ‘kosmisch’ en soms als ‘mystiek’ beschouwen.

Al deze woorden moeten tot leven komen in het ware begrip van Christus als de gemanifesteerde en geopenbaarde Liefde van God: zij moeten geen droge ideeën blijven, gevangenissen voor de menselijke gedachte.

Is de ‘historische’ Christus, die tweeduizend jaar geleden op aarde kwam, in werkelijkheid niet een gevangenis voor de geesten van veel christenen? Waar in de Heilige Schrift heeft Christus, tweeduizend jaar geleden, over zichzelf als een historische persoonlijkheid gesproken?

Hij spreekt over zichzelf als Geest, als iemand die op aarde zal blijven ‘tot aan het einde van de tijden’, dat wil zeggen: totdat er een eind komt aan het tijdperk van geweld en kwaad, dat nu in zijn laatste dagen is. ‘Ga heen en preek,’ zegt hij tegen zijn leerlingen, ‘en ik zal bij jullie zijn tot aan het einde van de tijden’.

Een van de ergste waanvoorstellingen is te denken dat Christus in de hemel is, dat hij daar zit te wachten op het Laatste Oordeel, wanneer hij over de levenden en de doden zal gaan oordelen.

De waarheid is dat Christus de aarde nooit heeft verlaten. Denk aan zijn woorden: ‘Alle macht is mij gegeven in de hemel en op de aarde. Christus is degene die het ‘historische’, ‘kosmische’ en ‘mystieke’ leven van de aarde en de mensheid heeft geïnspireerd, inspireert en zal inspireren.

Zonder Christus zou er geen geschiedenis zijn. Zonder Christus zou er geen ‘kosmos’ zijn, geen georganiseerde en gevestigde wereld. Zonder Christus zou er geen ‘mystiek’ leven zijn. Hij is de grote inspirator van alle openbaringen van alle tijden. Hij is de onzichtbare, scheppende kracht achter het hele spirituele leven van de mensheid.

Bron: ‘De meester spreekt’ van Beinsa Douno (Peter Deunov)

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *