Tagarchief: kruisiging

Gnostiek begrip van het leven van Jezus, gnostiek gedicht van Marcel Messing

Sta op, gij allen die kreupel door het leven gaat,
omdat ge licht èn duisternis dienen wilt.
Open uw ogen, gij blinden voor het Licht.
Open uw oren, gij doven voor Gods Woord.

Sta op, gij doden in uw lichaamsgraf
en hoor de stem van uw eeuwige God.
Open uw Lees verder

Verhalen uit kinderbijbel over de opstanding, de wonderbaarlijke visvangst en de hemelvaart. Pasen vieren met kinderen.

De website www.spirituelepasen.nl is niet opgezet voor kinderen, maar er zijn ongetwijfeld veel bezoekers die in hun omgeving kinderen hebben en de Stille week en Pasen vieren met kinderen. Daarom wordt via dit blog-bericht een bundel met kinderbijbelverhalen (pdf, 46 A4) gratis beschikbaar gesteld die de gnostieke visies die Lees verder

De kruisgang naar de hoofdschedelplaats Golgotha, artikel van Jan van Rijckenborgh uit het Tijdschrift Pentagram

Wat is het kruis van Jezus voor de mens die het pad van de roos en het kruis wil gaan? Zouden de antwoorden op deze vraag, wanneer ze aan diverse kandidaten gesteld worden, volkomen gelijkluidend zijn? Zouden zij getuigenis geven aan een klaar en helder, van-binnen-uit beleefd inzicht?

Er zijn redenen om er ernstig aan te twijfelen. Jezus Christus stelde dergelijke vragen dikwijls aan zijn leerlingen en uit de antwoorden bleek Lees verder

Esoterische betekenis van de zeven kruiswoorden van Jezus volgens Jan van Rijckenborgh en Catharose de Petri

Het navolgen van Jezus stelt de volledige dialectiekverbreking in uw bestaanscirkel. Deze zelfverbreking wordt aangeduid als een kruisgang, en deze kruisgang heeft, in overeenstemming met de zeven gangen van Shamballa, ook zeven fasen. De zevenvoudige kruisgang is en beduidt een zevenvoudige herschepping naar de natuur en naar de geest.

Wanneer de leerling het proces van dialectiekverbreking in zijn bestaanscirkel heeft aangevangen, dan komt hij tot de ontdekking, dat hij in deze poging een niet verwachte hulp ontvangt van de dialectiek zelf.

Immers wanneer de leerling zich stelt buiten het gewone leven en zich erboven verheffen gaat, dan wordt de gewone natuur hem spontaan vijandig. Wanneer u zich niet met een zekere vorm van leven associëren wilt, stoot dat leven u uit, mede met behulp van deze vijandigheid aan het kruis van verlossing genageld. En zo bemerkt u, hoe ook hierin alle dingen mede ten goede werken voor degenen die zich naar het ware leven wenden gaan.

De vijand wil u straffen voor uw afzijdigheid, en ziet, deze straf wordt u tot een genade. En daarom spreekt de leerling die dit onderkent: ‘Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen!’

En van stonde aan is de kruisgang een feit geworden, en wordt het licht rond de kandidaat. Zo licht, dat de anderen, die dit niet begrijpen, het ervaren als een intense duisternis. De eerste dag van de kruisgang is voorbijgegaan. En de Elohim zien dat het goed is.

In het Licht staande, met gespreide armen, horen wij opnieuw de kandidaat spreken. Hij zegt: ‘Vrouw, zie uw zoon!’

Bedoeld wordt hier een roep tot de wereldmoeder van Shamballa, de beheerder van het uitspansel. Gij heilige, universele voedster van alle kinderen van God, zie uw stervende zoon naderen voor de zeven gangen van Shamballa!

Deze roep om kracht neemt steeds toe in vibratie en potentie. Het vergeten en zo lang verloren woord wordt weer gesproken. En de Elohim zien dat het goed is. De tweede dag van de kruisgang is voorbij gegaan.

Wanneer dat woord gesproken wordt, u zult het begrijpen, dan gaat het antwoord komen. En daarom klinkt het juichend: ‘Zoon, zie uw moeder!’ De heilige voedster van het leven verschijnt en opent het pad voor de pelgrim. De derde dag vaart voorbij op de weg naar Shamballa.

En hoort, de wereldmoeder spreekt zelf in de wielingen van de nieuwe ethers en in de zachte, tere muziek van de krachtbaan waarover de pelgrim gaat: ‘Heden zeg ik u, zult u met mij in het paradijs zijn!‘ Het is het antwoord van de vierde dag. En de Elohim zien dat het goed is.

En zo zult u de sleutelvibratie van de vijfde dag inzien, een vibratie die te vertolken is in dat ene woord: ‘Dorst! … Mij dorst!…’ Staande op het pad naar Shamballa is er een steeds intenser hunkering naar het einde, naar de vervulling. En dus een steeds intensere dynamiek en dus een steeds grotere inspanning tot het doel. En de Elohim zien dat het goed is … de vijfde dag!

En ziet … de vervulling nadert. De leerling is gekomen tot de zesde zevenkring – de leerling wordt weer de mens van de oorspronkelijke gedaante en heerlijkheid. Hij ziet de Elohim zelf en lijfelijk. En er is in zijn wezen een sprakeloze, alles vervullende dankbaarheid, zich tenslotte formulerende in dat ene alleszeggende dankgebed: ‘Eloi, Eloi, lama sabachtanie!’ Elohim, Elohim, hoe hebt gij mij verheerlijkt! Dat is de juichende en bruisende zesde dag! En de Elohim zien dat het goed is.

Zo vaart de eeuwigheid zelf aan. Het grote kruiswerk is verricht. En allen getuigen in die eeuwigheidsrust in het hart van Shamballa, de eeuwigheidsrust van de zevende dag: ‘comsummatum est‘ – het is volbracht!

De pelgrim is aangekomen in de wijde klaarten van het oorspronkelijk Levensveld. En de Elohim zagen dat het goed was.

Tekst: De broederschap van Shamballa van Jan van Rijckenborgh en Catharose de Petri.

9 De kruisiging van Jezus, verhaal uit de kinderbijbel van Nita Abbestee.

Daarop voltrok zich wat in de heilige taal van de Bijbel de kruisiging wordt genoemd. Jezus werd door de Romeinse soldaten naar een heuvel buiten de stad gevoerd. Onderweg passeerde een man, genaamd Simon van Cyrene de stoet, en deze werd gedwongen het kruis achter Jezus aan te dragen.

Een grote menigte volgde hen. Velen drongen joelend en scheldend om hem heen, maar er waren ook velen, vooral vrouwen, die Lees verder

Het Romeinse proces voor Pontius Pilatus en de kruisiging en begrafenis van Jezus. De hoofdstukken 81, 82 en 83 van Het evangelie van de heilige twaalven

Toen brachten zij Jezus van Kajafas naar de rechtszaal, naar Pontius Pilatus, de stadhouder. Het was vroeg in de morgen en zelf gingen zij de rechtszaal niet binnen, opdat zij niet verontreinigd zouden worden en het paasfeest konden vieren.

Pilatus ging naar hen toe en vroeg: ‘Waarvan beschuldigt u deze man?’

Zij antwoordden: ‘Als hij geen booswicht zou zijn zouden wij Lees verder